Aangekomen op het Internationale vliegveld van Washington, verliepen de zaken voor 100 % naar wens. Er waren voldoende loketten open en per Immigrationofficer stonden slechts drie of vier wachtenden. Ons werd verzocht aan te sluiten bij loket 24. Onze voorgangers namen de hindernis foutloos en ook wij werden vlot en vriendelijk afgehandeld. Vanwege het ‘nieuwe systeem’ lukte het niet om Lidy’s vingerscan te maken. Wat is nieuw, bij het oude systeem had ze ook geen vingerafdruk. Of de Immigrationofficer misschien even haar hand mocht vasthouden? Gezamenlijk drukten ze het scanapparatje zowat door de desk, maar uitleindelijk stonden ze er toch maar mooi op. Twee afdrukken van de wijsvinger en een foto, zonder bril.
Onderwijl babbelden we wat over de vakantie. “Vijf weken…?”, vroeg de ongelovige Thomas. “Vijf weken!”, beloofden wij plechtig en we probeerden er zo ernstig mogelijk bij te kijken. Je moet de goden niet verzoeken. “Kost zeker wel een paar duiten”, voerde de Officer de spanning op. Nou boeken wij bij usafunvacations.nl, dus dat valt alleszins mee, maar wij besloten hem niet wijzer ter maken en beaamden zijn conclusie. Wij zagen dat hij inmiddels aan het stempelen was, dus de Torture kon nooit lang meer duren. We namen hartelijk maar snel afscheid, want uit onze ooghoeken zagen we de eerste koffer al op de band komen aanhobbelen. Nummer twee volgde en wij vervolgden onze weg door een cordon van fruit- en drugshonden. Zij keurden ons geen blik waardig, vast het resultaat van de geur van opgefriste muilen. Omdat wij op ons blauwe formulier helaas weer niet in hadden kunnen vullen dat we meer dan 10.000 dollar aan contant geld bij ons hadden en we ook al niet met vee in aanraking waren geweest, was de toelating tot de USA of A een fluitje van een cent. Opgelucht leverden we de koffers een paar meter verder in.
Tijdens de wandeling over het opvallend rustige parcours, stopten wij voor een light bite bij Wendy’s. Ik moet er nog even inkomen, want ik vergat de (gratis) zakjes mayonaise te vragen. We kuierden verder en gebruikten de laatste stroom voor het verzenden van een blogberichtje. Het vliegtuig was niet overvol, er waren zelfs nog 25 stoelen beschikbaar. Veel zakenlui en ervaren reizigers aan boord en weinig toeristen. Net voor seating 3 werd omgeroepen, schoven wij aan in de rij voor boarding. Goeie timing want in de overhead bin was nu nog plek voor onze bagage. Aan het raam op onze rij zat een man druk in gesprek met zijn achterbuurvrouw. Wij groetten beleefd en namen plaats. Danke scheun, sprak de man. Wij keken stuurs voor ons uit, maar voelden niet de behoefte hem het verschil tussen Teutonen en Kaaskoppen uit teleggen.
Het gesprek was boeiend om te volgen, ze leken zich naast twee vermeende Deutsche Leute onbespied te wanen. Binnen de kortste keren wisten wij alles van hem en haar. Ze kenden elkaar tot voor deze vlucht niet, maar daar werd in rap tempo aan gewerkt. Voornaam, huwelijkse staat, kinderen, werkgever, hobbies wij wisten het van beide partijen. Terloops informeerde hij nog even wat ze in Orlando ging doen. “Een danscontest?… oh, I love dancing!” En in welk hotel ze verbleef. En hoe ze daar dan zou komen? “Een Shuttlebus? Weet je wat joh, ik breng je wel even…..!” Ze ging zonder morren accoord. Ik zei het al, veel ervaren reizigers aan boord.
Tegen de landingstijd richtte de babbelkous zich toch nog even tot ons. Hij had in Geilenkirchen gediend. Wij keken er niet van op. Nu werkte hiij voor Lockheed. Ja, Lockheed, die kenden wij wel……Een reden te meer om extra op te passen met deze snijboon. Hij merkte het niet en vroeg dapper door. Hoe lang we bleven? Hij twee dagen! Wij durfden het bijna niet te zeggen. En nadat hij ons toch nog de huwelijkse staat, de gezinssamenstelling en de kosten voor onze vakantie had ontfutseld, vluchtten wij in Orlando snel de slurf in. Hoewel wij niet zo nodig hoefden, gingen we voor de vorm even plassen, zodat we de kletskous met aanhang niet in de peoplemover zouden treffen.
Onze koffers hobbelden ons gebroederlijk tegemoet. Wij keken nog even meewarig naar de ramptoeristen die met hun volledige pakkage de roltrap naar de autoverhuurders af struikelden en stapten zelf in een van de drie lege liften die zij over het hoofd hadden gezien. Bij geen van de verhuurders stond een grote rij, wij zouden er geen hinder van hebben gehad omdat wij deze hindernis mochten overslaan. Op naar de garage!
Over de avonturen bij Alamo, de keuze van het vervoermiddel, de kleur, de kilometerstand, treeplakjes, schuifdeuren en knopjes lees je in het volgende en laatste verslag over de heenreis meer. Net als over het appartement. Maar we kunnen nu al verklappen dat dit alles de stemming in huize Teleton zeker niet bedorven heeft. Tot die tijd heb ik maar een advies: Hou vooral de zonzij!